Een fijne onboarding voor jouw AI agent
Hoe je voorkomt dat je digitale collega direct opbrandt
We zien het overal: de rush naar AI-agents. We bouwen een bot, geven hem een vage instructie en verwachten dat hij de wereld verbetert. Maar al snel volgt de teleurstelling. De agent hallucineert, maakt fouten en de conclusie is vaak: "AI werkt nog niet." Maar ligt dat aan de techniek, of aan hoe we de samenwerking organiseren?
In mijn praktijk kom ik ze steeds vaker tegen: AI-agents met een burn-out. Ze zijn overvraagd, ondergekwalificeerd voor de taken die ze krijgen en hebben nog nooit een fatsoenlijk inwerkprogramma gezien.
De AI-agent als 'vogelvrije' stagiair
Stel je voor dat je een menselijke collega aanneemt. Je zet hem aan een bureau zonder computer, geeft geen uitleg over de bedrijfscultuur en zegt alleen: "Jij bent nu onze expert voor alles, succes!" Die collega trekt het geen week vol.
Toch is dit precies hoe we AI-agents vaak behandelen. We zien het als een 'tool' die we even aanzetten, in plaats van een 'collega' die we moeten begeleiden. Het geheim van een goed werkende agent zit niet in de complexiteit van de code, maar in de kwaliteit van de onboarding en het leiderschap dat daarbij komt kijken.
Veranderend leiderschap: Managen van mens én machine
Het inrichten van AI-agents vraagt om een nieuwe vorm van leiderschap. Het gaat om het vermogen om menselijke expertise te vertalen naar digitale instructies. Dat doe je niet alleen in een achterafkamertje met een developer; dat doe je samen met de mensen die het werk nu al jarenlang met passie doen.
Een goede AI-agent heeft begeleiding nodig, kaders en – geloof het of niet – een soort functioneringsgesprek. Als we willen dat AI voor ons werkt, moeten we leren hoe we een 'digitale collega' instrueren en bijsturen.
De blauwdruk voor een succesvolle samenwerking
Voordat je de tool induikt om een agent te bouwen, moet de basis staan. Ik hanteer hiervoor altijd een mensgerichte aanpak waarbij de inhoudsdeskundige (SME) de hoofdrol speelt.
De vijf cruciale stappen voordat je begint:
- De roldefinitie: behandel de agent als een menselijke junior. Welke functietitel krijgt hij? Dit dwingt je om specifiek te worden over wat hij wel (en vooral niet) moet doen.
- De estafette: AI werkt nooit alleen. Wie geeft de voorzet en wie vangt de bal op? Zonder heldere overdracht tussen mens en AI ontstaat er ruis.
- De expert-sessie: trek het brein van je beste mensen leeg. Wat zijn de 3 tot 5 stappen die een expert op de automatische piloot zet? Dat zijn de 'geheime ingrediënten' voor je instructie.
- De vangrails: wanneer moet de agent 'STOP' roepen? Veiligheid en governance betekenen dat je agent weet wanneer hij het stokje terug moet geven aan een mens.
- Het paspoort: wie is de 'baas' van deze agent? Elke digitale collega heeft een eigenaar nodig die de kwaliteit monitort en bijstuurt waar nodig.
Stop met bouwen, start met praten
De grootste fout die je kunt maken, is direct de techniek in duiken. Een succesvolle AI-agent begint bij een goed gesprek aan tafel met de mensen die de finesses van het vak kennen.
Wil jij ook een vliegende start maken met je digitale collega’s? Ik heb een 'Gespreksstarter AI-agent' ontwikkeld die je helpt om in 90 minuten de onmisbare kennis van je team te vertalen naar een ijzersterke instructie. Een methode die de focus legt op de menselijke kant van AI.
Wil je deze gespreksstarter ontvangen? Stuur ons een mailtje op management@joycedatema.nl en ik stuur hem direct naar je toe. Laten we samen zorgen dat je AI-agents niet alleen werken, maar ook écht onderdeel worden van je team.